Spring naar inhoud

adopteer een onke plek, een verslag (van onze speciale correspondente Eva Rijs)

december 3, 2011

Adopteer een onke plek,
een kunsteducatief project van het Zaans Museum.

Wist je dat de Zaanse Schans pas 50 jaar bestaat? Overal uit de Zaanstreek zijn oude houten panden weggehaald en neergezet in de Kalverpolder, daar vormen zij samen een soort ideaal Zaans dorp. Maar waar stonden deze panden dan precies, waar werden ze zo’n halve eeuw geleden weggehaald? Tijdens adopteer een onke plek gaan leerlingen op zoek naar deze lege, incomplete plekken in de Zaanstreek.

Adopteer een onke plek wordt van januari tot en met maart 2012 bezocht door 4.000 Zaanse basisschool leerlingen van groep 5 en 6. De les die de leerlingen in het museum krijgen bestaat uit een korte rondleiding en een beeldende opdracht en duurt 90 minuten. Daarna worden zij door de museumbus weer naar school gebracht.

Nieuw voor het Zaans Museum is het aanvullend kunsteducatief project. Hierin gaan Leerlingen met de klas een zelfgekozen ‘onke plek’ adopteren en gaan deze met behulp van een kunstenaar een nieuwe invulling, functie en/of betekenis geven. Er zijn 6 kunstenaar benaderd die elk vanuit hun een eigen kunstdiscipline een invulling geven aan de onke plek. Gekozen is voor muziek, nieuwe media, dans, fotografie, architectuur en beeldende kunst. Door middel van een urban intervention, een kleine of soms ook grote verandering in het landschap, vult de kunstenaar samen met de leerlingen de geadopteerde onke plek. De kunstdocenten geven 1-3 lessen in de klas waarna een uitvoering en/of een presentatie van de urban intervention plaats vindt op de werkelijke geadopteerde onke plek.

Het project is nog volop in ontwikkeling. In samenwerking met de Rabobank wordt een kort introductie filmpje gemaakt voor het gehele project. Deze zal vertoond worden in de Rabobank Zaandam, op de website van het Zaans Museum en in de museumbus.
Op dit moment zijn er twee kunstenaars waarvoor de financiële middelen aanwezig zijn om het project ook daadwerkelijk uit te gaan voeren. Hun werkwijze zal worden gedocumenteerd en hoogst waarschijnlijk te zien zijn op de site van Oneindig Noord-Holland. De uitvoeringen van de urban interventions staat gepland voor april/mei 2012.

Hebbes!

Ik ben een onke plek,
met rondom volop water.
Een zeer unieke stek,
voor tijdelijk gesnater.

Ik lig hier heel alleen,
ben zeker niet verloren.
Waar wilt u met mij heen?
Hoe gaat u mij bekoren?

Mijn aarde wordt bevreesd.
Gesnoerd is nu mijn mond.
Gekooid als een wild beest,
voel ik mij. Ongezond!

Wie mij op waarde schat,
heb ik een hoop te bieden.
Daar ga ik graag op prat,
voor tussentijdse lieden!

Bas Husslage Stadsdichter van Zaanstad
(Gedicht over het schiereiland de Hemmes)

Ook nu nog ontstaan onke plekken. Deze foto is genomen op 10 mei 2011. Het pandje, Assendelft23, is in beheer van stadsherstel Zaanstreek en wordt in de toekomst toegevoegd op de Zaanse Schans.

Foto: Pieter Gravesteijn
beheer en onderhoud
Stadsherstel Zaanstreek NV

Verslag van Eva Rijs, medewerker educatie en activiteiten in het Zaans Museum en student aan de Master Kunsteducatie van de AHK.

Zaans Museum

Advertenties

Silvia Russel

november 26, 2011

Silvia Russel, beeldend kunstenaar

Project Do You See Me? In Cultureel Educatief Centrum, in de Bijlmer, 2010

in opdracht van het CBK Zuid-Oost.

In dit project Do You See Me? besloot ik in het Cultureel Educatief Centrum in de Bijlmer de oorspronkelijke functie van de hal van het gebouw weer in ere te herstellen en een ontmoetingsruimte te laten zijn.

Ik heb  de ruimte een maand lang als ‘mijn atelier’ gebruikt. Ik ben met mijn spullen, een tafel, stoelen en tekenmateriaal, wat kunsttijdschriften en een witte muur in het midden van de ruimte gaan zitten, op een opvallend grasgroen kleed.

Tijdens dit mobiele atelier sprak ik mensen aan in die hal kwamen met de vraag of zij mij wilden vertellen over hun plannen en ambities in Nederland. De meeste mensen in het atrium waren nieuwkomers die een inburgeringscursus deden of taallessen hadden. Ik was benieuwd hoe ze zichzelf over 5 jaar zagen.

Terwijl ik met ze sprak vroeg ik of  ik een snelle portretschets mocht maken. Hierbij tekende ik de voor mij meest opvallende kenmerken. Dit schetsen duurde ongeveer 5 minuten. Na afloop van het gesprek hing ik de schets op de witte muur in de ruimte. Zo werd meteen duidelijk voor iedereen waar ik mee bezig was.

Voor mij ging het in dit project niet zozeer om de tekening of het portret maar meer om het verhaal dat ik te horen krijg door het contact. Maar ook mijn eigen rol in het project gebruikte ik weer als onderwerp voor eigen werk. Door helemaal alleen in de ruimte te gaan zitten en de tekeningen meteen op te hangen stelde ik mijzelf kwetsbaar op. Deze ervaring gebruik ik mede ook voor de grote tekeningen die ik na afloop van het project in mijn eigen atelier maakte. Ik gaf daarin commentaar op de mensen en onze ontmoetingen.

Het antwoord op de vraag wat ik terug hebt gekregen van de mensen die mij hun verhalen vertelden: voelden ze zich mede-makers van jouw project, of eerder geportetteerden? is 2-ledig.
Ik ben mijn project begonnen door mensen uit de hele organisatie, dus die de cursisten lesgeven, in het gebouw te vragen wat zij voor het Atrium als kunstwerk wensten vanuit hun kennis over de doelgroep.
Hun reacties heb ik geinventariseerd en als uitgangspunt genomen voor de uitstraling van het kunstwerk.
Van deze mensen op organisatie niveau heb ik lovende reacties gehad. Zij zagen hun ideeen terug in de aard van het kunstwerk.
Je zou over hen dus kunnen zeggen dat ze vonden dat ze het kunstwerk mede vorm hadden gegeven.

De geportretteerden waren vooral trots dat zij zichzelf terug zagen en dat ze in een tentoonstelling waren opgenomen. De aandacht voor henzelf was hierin heel belangrijk.
Ik denk dat zij het geheel minder als Kunst hebben ervaren.
Het menselijk contact was hier vooral van belang.



Kinderen kijken naar Picasso

november 19, 2011

Rineke Dijkstra ‘ I see a woman crying’ 2009

Een groep schoolkinderen discussieert op ernstige toon over de betekenis van Picasso’s schilderij De wenende vrouw. Het werk zelf is voor ons niet zichtbaar. De kinderen beginnen aarzelend: ze lijken te antwoorden op vragen van iemand die buiten beeld blijft. Langzaam maar zeker beginnen ze op elkaar te reageren. Voor het eerst gebruikt Dijkstra hier gesproken woord in haar werk. Dijkstra filmde met drie camera’s op statieven; de leerlingen bekijken een reproductie van het schilderij dat bevestigd is op het middelste statief. Hierdoor kijkt geen enkel kind recht in de lens – zoals bij een conventioneel portret. De leerlingen maken deel uit van een eigen wereld, los van de toeschouwer. Die indirecte benadering en de sobere ingetogenheid benadrukken alle nuances in de houding en het gedrag van de kinderen.

(tekst http://www.stedelijk.nl/nu-in-stedelijk/archief/archief-tentoonstellingen/taking-place/rineke-dijkstra)

De video kan hier natuurlijk niet geplaatst worden, maar deze link geeft een aardige impressie: http://www.youtube.com/watch?v=Qb9tw8VF-F8

 En op deze site kan je meer lezen over de inhoud van het werk: http://www.designboom.com/weblog/cat/10/view/11933/rineke-dijkstra-i-see-a-woman-crying-at-the-temporary-stedelijk.html

Bedankt Mareke Geraedts voor de tip. http://marekegeraedts.blogspot.com/

Zomerkunstweken op het Westerdok

november 12, 2011

Interview met Sanne Verdult door Marike Hoekstra

Zondag 13 november opent in de OBA op het Oosterdokseiland de expositie “Zomerkunstweken op het Westerdok”. In de expositie is werk te zien van de kinderen die afgelopen zomervakantie meededen aan de workshops van Ateliers Westerdok  Verschillende thema’s, verschillende kunstenaars, heel uiteenlopende  materialen.

Sanne Verdult, directeur van Ateliers Westerdok, vertelt dat ze al heel lang de ambitie had om naast het reguliere cursusaanbod, een breed projectaanbod te ontwikkelen. Na een sucesvolle pilot in de kerstvakantie en in het verlengde van  de ambitie om alle kinderactiviteiten op een hoog artistiek niveau aan te bieden is met de eigen kunstenaardocenten een programma ontwikkeld voor de zomervakantie met zes diverse  projectweken. Binnen de kaders van de projecten kregen de docenten de ruimte voor hun eigen invulling, waardoor zes heel verschillende projectweken zijn ontstaan.

In het project ‘Vreemde Snuiters op het Westerdok’ van kunstenaar Emma van Drongelen stond het concept van het rariteitenkabinet centraal. Met dit uitgangspunt zijn de kinderen iedere dag met een andere benadering aan het werk gegaan. Verscheidenheid, vreemdsoortigheid en verbeelding gekoppeld aan een onderzoekende houding bleek een vruchtbare bodem voor creativiteit van de kinderen.

Over de resultaten van de Zomerkunstweken is Sanne Verdult enthousiast. Ze heeft veel positieve reacties ontvangen, van kinderen en van hun ouders. Het project heeft de belangstelling gewekt van instellingen voor naschoolse opvang en heeft veel nieuwe kinderen weten te bereiken. Dankzij bijdragen van het Amsterdams Fonds voor de Kunsten, het Prins Bernhard Cultuurfonds, Eigen Haard en IJmere kon Sanne de prijs en de drempel voor de kinderen laag houden, waardoor ze nieuwe groepen heeft weten aan te spreken. Het is dan ook zeker de bedoeling dat er een vervolg komt, waarbij nog meer zal worden ingezet om ook scholieren van de onderbouw van het voortgezet onderwijs te bereiken.

De kunstwerken zijn tijdens openingstijden (alle dagen van 10-22.00 uur) te zien op de jeugdetage van de Centrale Bibliotheek Amsterdam, Oosterdokskade 143, van 9 november t/m 8 januari.

Op de website van Ateliers Westerdok zijn blogs over de projecten te lezen http://www.atelierswesterdok.nl/Creatieve-cursussen-workshops-kinderen-jongeren. Hier zijn de verschillende projectonderdelen terug te vinden, met uitgebreide beschrijvingen, foto’s en filmpjes.

Kunstproject in wording

november 5, 2011

[b]lijf gezond; over gezonde lijven en gezond blijven

Een kunstproject  op basisschool de Bron over gezondheid en balans voor de hele school. In samenwerking met ‘Het Maakmuseum’ en Stichting Taalvorming. Dit project duurt twee weken. Elke dag hebben de kinderen een workshop van 1,5 uur. Week 1 is net afgerond. Aankomende vrijdag is de afsluiting op basisschool de Bron in Westerpark, Amsterdam.

Algemeen

Basisschool De Bron is een ‘wereldse buurtschool’. Onder de ongeveer 200 leerlingen zijn ruim 20 nationaliteiten te vinden met ieder zijn eigen, unieke inbreng. Op de Bron is inmiddels de traditie ontstaan om ieder najaar een schoolbreed kunst- en cultuurproject te doen.  Dit jaar willen ze zich op meer kunstzinnige- en maatschappelijke wijze verdiepen in het thema gezondheid. Denken en praten over gezondheid in bredere zin, maar vooral ook veel ervaren. Hoe verandert je bewegingsvrijheid als je lijf verandert? Hoe zit het met je balans? Wat doet een beroep met je gezondheid en wat betekent je gezondheid voor je beroep? Hoe ziet gezond zijn eruit? Hoe kijk je tegen (gezond) voedsel aan en wat zijn de rituelen daaromheen? Wat gooien we eigenlijk allemaal weg? Wat vind je daarvan? Hoe zou heel gezond leven en wonen eruit zien? Lilian Janssen van het Maakmuseum vroeg aan mij een workshop te ontwikkelen voor dit project.

Het project

Het project in het kort

Het thema gezondheid wordt in dit project vanuit verschillende kunstdisciplines aangeboden in de vorm van verschillende workshoprichtingen: bewegingstheater, dans, ‘beeldbouwen’, schilderkunst en taalvorming. De school werkt groepsdoorbrekend met ongeveer 15 kinderen tegelijk. Ieder van de workshoprichtingen wordt in verschillende vormen aangeboden, afgestemd op de interesses en de mogelijkheden van de verschillende leeftijdsgroepen, te weten de ‘onderbouw’ (groep 3,4,5) en de ‘bovenbouw’ (groep 6,7,8). Bij alle workshops wordt naar een eindpresentatie toe gewerkt voor publiek van binnen en buiten de school, waarbij de ouders van de kinderen en buurtbewoners welkom zijn. Ook zal gedurende het project in de aula en in de workshopruimtes steeds meer werk zichtbaar worden, zowel beeldend werk van de kinderen als fotoverslagen en door de leerkrachten geschreven anekdotes, waardoor een dagelijks beeldjournaal ontstaat: ‘dagelijkse kost’ voor iedereen. Elke middag na afloop van de workshops is er een evaluatiemoment tussen de  leerkrachten, specialisten en andere betrokkenen (ouders), zodat iedereen op de hoogte is van wat er in de andere groepen gebeurt. Er wordt kort besproken wat de ‘tops’ van de dag waren en waar nog aandacht aan moet worden besteed.

Workshop voor de leerkrachten

Aan het begin van het schooljaar krijgen de leerkrachten een workshop van Lilian en Francy van het Maakmuseum over het project.  In de workshop krijgen de leerkrachten een voorproefje van wat de kinderen gaan ervaren tijdens het project. Tevens wordt het projectplan nog eens gezamenlijk doorgenomen, zodat iedereen goed op de hoogte is van de algemene aanpak. Er is een korte uitleg over de verschillende workshops voor de kinderen en na afloop maakt ieder een keuze bij welke workshop hij of zij tijdens de projectwerken wil assisteren.

DIT BEN IK

Toen ik werd benaderd door Lilian was ik meteen enthousiast. De vrijheid om zelf mijn workshop vorm te geven rond het thema gezondheid vond ik erg prettig. Als kunstenaar teken ik portretten. Mijn liefde voor het ‘ontleden’ van een gezicht wou ik graag overbrengen in deze workshop. Maar ook de vraag; wie ben je nu en wie ben je straks?

We zijn begonnen met een quiz. Acht vragen op het smart-board over gezichten van mensen over de hele wereld. De kinderen hadden een rood, blauw en geel kaartje met A, B en C erop. Ik doe altijd graag een quiz aan het begin van een project. Het is een fijne ijsbreker (ik doe graag gek) en je hebt meteen wat over te praten. Een vraag in de quiz ging bijvoorbeeld over de foto van een Vietnamese vrouw op de fiets. Helemaal ingepakt in doeken. En waarom is ze zo ingepakt? Is dit A.) omdat ze net een bank heeft overvallen? B.) omdat het stinkt op straat C.) omdat niet bruin wilt worden? Als de kinderen hun kaartje de lucht in steken kan je meteen met ze in gesprek. Waarom denk je dat? En wat denk jij? Het antwoord is C.) ze wil niet bruin worden. Want dat wordt in Azië gezien als arm. Ik leg uit dat mensen die op het land werken eerder bruin worden. En hoe anders dat hier is. Want in Nederland worden mensen graag bruin. Maar dan moet je wel geld hebben om op vakantie te gaan.

Na de quiz beginnen we aan het zelfportret. Met potlood en fineliner. En zonder gum. Ik hou niet van gummen. Anders blijven kinderen gummen, in plaats van goed te kijken. Ze schetsen met potlood en als ze klaar met schetsen zijn trekken ze met fineliner de lijnen over waar ze tevreden mee zijn. Dan mogen ze pas gummen. Ik leg uit dat het gezicht uit allemaal puzzelstukjes bestaat. Mond/neus/ogen/wenkbrauwen/oren/haar/etc. Maar dat bij iedereen deze puzzelstukjes er anders uit zien. Heb je licht of donkere wenkbrauwen? Heb je sproetjes. De kinderen hebben allemaal een klein staand spiegeltje op tafel. En al puzzelend teken ze hun gezicht.

De tweede les beginnen we met een multiplechoicetest  over sporten en beroepen. Want de kinderen gaan zichzelf schilderen. Maar dan hoe ze eruit zien over twintig jaar. Het zijn weer acht vragen. Groep 6,7 en 8 doet het individueel en bij groep 3,4 en 5 doe ik het klassikaal. Aan het eind wordt de score opgeteld en zien ze hoe gezond ze zijn. Het is natuurlijk een test met een vette knipoog. En het is vooral bedoeld om samen te filosoferen wie je misschien bent over twintig jaar. Nou ben ik ongeveer 20 jaar ouder dan de kinderen, dus ik vertel dat ze wel een beetje mogen spieken hoeveel rimpels ik al heb. De kinderen schrijven kort op wie ze denken over twintig jaar te zijn. Dit komt straks bij hun werk te hangen.

Hierna is het tijd om te gaan schilderen. De eerste keer schilderen gebruiken we om te experimenteren met kleuren mengen. Bij groep 6,7 en 8 bespreek ik de kleurencirkel. Aangezien ik ze niet de kleurencirkel wil laten na schilderen, vraag ik ze de schaduw in hun gezicht te schilderen. Ze krijgen van mij een leeg gezicht en in de spiegel moeten ze kijken waar in hun gezicht licht en donker zit. Ze zijn vrij in hun kleurgebruik als ik maar kan zien dat ze op zoek zijn naar de schaduw. Bij groep 3, 4 en 5 gaan we in een kring zitten. Op de grond heb ik een vel met een klodder rood, geel, blauw, zwart en wit. We praten over kleuren mengen en ik vraag aan de kinderen hoe je oranje maakt. En hoe groen, etc? We proberen wat ze denken en kijken wat er gebeurd. Ik leg ook uit dat je maar een heel klein beetje verf nodig hebt om te mengen. Je mengt niet in de klodder zelf. We mengen lichte en donkere kleuren. En daarna mogen de kinderen zelf aan de slag. Als echte kleurentovenaars komen de meest fantastische kleuren te voorschijn.

Volgende week beginnen we met het portret. We schilderen op oude leesplankjes. Ik ben zo benieuwd!

Linda Rusconi – www.lindarusconi.nl

Basisschool de bron – www.bronschool.nl

Het Maakmuseum – www.maakmuseum.nl

Skills 21, een verslag (van onze speciale correspondente Karlijn Muller)

oktober 29, 2011

SYMPOSIUM skills voor de 21st eeuw
Cultuurnetwerk Nederland en Fontys Tilburg
Donderdag 7 oktober 2011

Workshop Michiel Koelink

‘Was de introductie vanmorgen duidelijk?’ De deelnemers knikken schuldbewust; Koelink maakte pijnlijk duidelijk hoe het gebrek aan 21eeuwse vaardigheden bij leerlingen te wijten is aan de angst en een nee-houding van docenten. Michiel: ‘het is vanzelfsprekend, jammer dat het niet gebeurt.’ Deze workshop moet kunstdocenten over de drempel van media-educatie heen helpen. Het doel gaat verder dan videomontage; Michiel propageert het gebruik van ‘easyware’ in diverse disciplines. Videomontage met de Video Editor van YouTube is daarin niet meer dan een voorbeeld. In de groep zitten mensen vanuit film, muziek, theater, beeldend. Michiel vraagt hen te kijken hoe ze deze werkwijze naar hun eigen beroepspraktijk kunnen vertalen.

De opdracht: Maak een 30 seconden durende videocollage waarin twee zoektermen naast elkaar worden geplaatst. De twee zoektermen creëren samen een nieuwe betekenis. Gebruik alleen Youtube ‘creative commons video’s’ (die optie is sinds 2,5 maand toegevoegd aan Youtube en zorgt voor een rijkdom aan copyrightvrije bronnen). Gebruik de Video editor binnen YouTube om bestaande bronnen te de- en hermonteren. Publiceer je werk op youtube (openbaar of niet-openbaar) en mail de docent de links).

Michiel toont een aantal voorbeelden uit eerdere workshops. Eerst een kort filmpje over ‘boksen’ en ‘liefde’, waarbij de beeldrijm ervoor zorgt dat de boksbeweging van betekenis verandert. Daarna volgt een filmpje zonder geluid, dat een verband legt tussen de lichaamsbeweging van boksers en de gebaren van doventaal. Het laatste filmpje werkt beide kanten op, geen van de deelnemers zal meer naar een rapclip kunnen kijken zonder de handgebaren te willen lezen.

Youtube Video editor vraagt niet meer dan een korte instructie: ‘inloggen, naar video’s, dan de Video Editor selecteren. Knop CC voor de creative commons video’s, slepen en de schaar erin’. Opvallend is dat de ‘leerlingen’ van de workshop direct zelfstandig aan de slag gaan. De beperking die de editor aangeeft, biedt precies voldoende houvast en voldoende vrije ruimte. Hierdoor gaat de aandacht naar de ideevorming in plaats van naar de techniek. Deelnemers hebben zichtbaar plezier in het monteren, daar waar computers in de klas vaker voor ‘gedoe’ zorgen. Ik hoor ‘briljant!, ‘geweldig’ en veel gelach. Michiel belooft me dat hij het meeste werk heeft aan ’t stoppen van de groepjes. En hij heeft gelijk, de docenten zijn zo enthousiast bezig dat hij ze moet smeken om de laptops dicht te klappen.

Michiel vat even samen wat hij veel ziet gebeuren. Het is makkelijk om terug te vallen in de nee-stemming: ‘ik wil iets wat het programma niet kan’. De mogelijkheden voor geluidsmontage zijn beperkt, maar die valkuil is makkelijk te vermijden door die beperking in de opdracht te verwerken (monteer met het bestaande geluid). Verder kunt je heel lang op een of twee fragmenten gaat zitten; (geeft de opdracht eerst 10 fragmenten op de tijdslijn te zetten) of juist een heleboel op de tijdlijn te zetten en vergeten op de previewknop te zitten. Ondanks alle beperkingen, zijn er ook veel mogelijkheden: de tools zijn gratis en online beschikbaar: je kunt huiswerk geven om verder te monteren. Verder gebeurt alles live op de server; dus als de computer crasht, ben je zo terug waar je gebleven was.

Het einde van de workshop loopt ver voorbij het borreltijdstip in het programma van het symposium. En dat op een vrijdagmiddag; Michiel is er duidelijk in geslaagd deze kunstdocenten uit de nee-stemming te halen. http://www.easyware.nu , de sleutel naar de 21e vaardigheden?

Workshop Melissa Coleman

 Melissa Coleman neemt de deelnemers direct mee in haar onderzoekspraktijk: de wereld van textiel en technologie; beter bekend als wearables. We stappen in een lokaal waarin zowel vilt, als  IL-wire en soldeerbouten voor ons klaarliggen; een niet voor de hand liggende combinatie. Dat is precies waar het Coleman om draait: ze wil de deelnemers laten nadenken over integratie van materialen en functionaliteiten. Wanneer biedt technologie een meerwaarde aan textiel, wanneer doet het afbreuk aan de oorspronkelijke functie? Melissa is zowel gefascineerd door technologie, als dat ze het bekritiseerd; ze vindt techniek vaak te dominant aanwezig. Zo is ze van mening dat we in de huidige maatschappij het contact met het lichaam zijn verloren is. Wearables zijn een interessant onderzoeksobject; kledingstukken kunnen informatiedragers zijn  of complexe functies krijgen. Maar bij kleding gaat het haar er uiteindelijk om dat het haar lichaam warm houdt, dat het lekker draagt. Ze ziet het als een uitdaging om het fysieke aspect weer opnieuw bij de technologie te betrekken.

We gaan aan de slag met wol, electro luminescente draden en batterijen. Door deze materialen met elkaar te verbinden, krijgen ze nieuwe functies. Al solderend en viltend denken we na over de mogelijkheden. Die zijn divers en vakoverstijgend; maatschappijbreed (het bewust maken van het lichaam) of in de zorg (medische toepassing; beleving van het ziekenhuis), etc. Melissa heeft zelf een achtergrond in de informatica, maar legt vanuit daaruit graag verbindingen met andere vakgebieden. In haar lespraktijk ervaart ze dat hoe studenten van verschillende opleidingen ieder een eigen invalshoek aan het onderzoek. Die invalshoeken brengen ook weer beperkingen met zich mee. Kunstdocenten zoeken naar de esthetiek van het materiaal, terwijl een ander vakgebied zich meer op de conceptuele kant, of juist op de praktische toepassing focust. Dat is het mooie en lastige aan de fase waarin het vakgebied van wearables zich bevindt: ook Melissa weet nog niet wat het gaat brengen. Dat is een beperking, maar biedt tegelijkertijd alle ruimte voor eigen interpretatie. Coleman wil iedereen uitdagen kritisch te blijven kijken naar zijn of haar vakgebied of beter nog, kritisch te blijven ten opzichte van de maatschappij in het algemeen.

De workshop is een race tegen te klok. Voor de meesten is het tegelijkertijd een introductie in electronica als een introductie in textiel en dat kost tijd. De lunch wordt opgeofferd voor het eindresultaat. Aan het einde maak ik een rondje langs de deelnemers. Wat heeft Coleman hen duidelijk gemaakt over de 21 skills? Een kunstdocente zegt dat Coleman in haar workshop een brug heeft weten te leggen tussen kunst, hedendaagse ontwikkelingen en technologie. Wat begint bij ambachtelijke technieken eindigt bij licht, sensoren en interactiviteit. Een andere deelnemer sluit zich daarbij aan;  ze is blij verrast dat het ambachtelijke van de kunst weer wordt gewaardeerd, terwijl daar momenteel niet veel aandacht aan wordt besteedt in het vakgebied. Technologie blijkt daar niet zover van af te liggen, als ze in eerste instantie dacht.

Een derde deelneemster zegt dat Coleman’s introductie op dit moment meer vragen oproept, dan dat het deze beantwoord. Maar kan dat niet een doel van kunst zijn? Coleman toont ons niet alleen de meerwaarde van de kunstvakken, maar nog meer wat het waard is om over de grenzen van je vak heen te kijken. Van niet weten waar iets heen gaat. En dit alles binnen het bereik van een lespraktijk.

Verslag door Karlijn Muller / mail@karlijnmuller.nl / 06-16279535 / http://www.facebook.com/lijnm

Karlijn Muller werkte na haar studie Grafisch Ontwerpen aan St.Joost als docent aan de HBO-opleiding Communication & Multimedia Design (CMD/ Avans Hogeschool). De fascinatie voor mediakunst en onderwijs leidde haar naar kunst- en media-educatie. In 2010 rondde zij de master Kunsteducatie af met een onderzoek in opdracht van MediaCultuur.net. Sindsdien doet ze er alles aan media(kunst) op de kaart te zetten in het kunstonderwijs. Op dit moment ontwikkelt ze in opdracht van de Cultuurwinkel Breda een doorlopende leerlijn in beeldcultuur en werkt ze als freelance kunst/media-educator voor diverse culturele organisaties.
meer lezen:
Verslag_21skills_71011_algemeen_kmuller (voor het integrale verslag van Karlijn)
http://www.cultuurnetwerk.nl/skills21/

Eboman

oktober 21, 2011

Dit is mijn eerste post sinds de wederopstanding van de Ezel. Ik wil graag vertellen over iemand die mij inspireert. Iemand die van zijn passie zijn werk maakt. Iemand die iets neemt en dat steeds verbetert, mooier maakt en deelt met de wereld. Ik heb het over Eboman. Deze zomer was ik als vrijwilliger betrokken bij ‘Remix Culture’ van de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten. Een inspirerende week vol lezingen, workshops en uitwisseling voor internationale professionals en studenten die zich bezig houden met nieuwe media en kunsteducatie. Eboman vertelde tijdens Remix Culture over zijn liefde voor sampling. Hij is wereldwijd bekend als een pionier op het gebied van video sampling en realtime video bewerking.

Ik laat hem graag zelf aan het woord. Hieronder tekst en links naar relevante sites. Mocht je ook een keer willen vertellen wie jou inspireert op het gebied van kunsteducatie, de Ezel hoort het graag!

Lees, klik en geniet!

Linda Rusconi

In 2009 heeft Eboman ‘Senna’ ontwikkeld; een videosample instrument voor kinderen:

“Met Senna kunnen kinderen zelfstandig of in groepsverband met fragmenten van YouTube video’s een audio visuele collage maken. Op deze manier willen wij een instrument ontwikkelen dat kinderen in staat stelt om de enorme hoeveelheid beeld en geluid die op hen afkomt via T.V. en internet naar hun hand te zetten en daarmee te spelen. Senna is ontwikkeld voor kinderen van 8 jaar en ouder. Kinderen kunnen met Senna YouTube video’s downloaden en een stukje uit deze video knippen en opslaan in de Senna video sample database. Met deze samples kunnen zij een collage maken die bestaat uit vier lagen: een video beat, een video melodie, een video baslijn en een video verhaallijn. Deze vier lagen kunnen zij afzonderlijk audiovisueel vervormen en mixen in 3D. Er kunnen in totaal 8 collages per kind worden opgeslagen waarmee zij zelf een live performance kunnen geven. Tijdens deze presentatie kunnen zij de acht collages afwisselen en de verschillende lagen live bewerken en mixen in 3D. Kinderen kunnen eigenlijk alles wat ik kan met SenS! Omdat Senna veel geavanceerde mogelijkheden heeft hebben we Senna volgestopt met slimme technologie die de kinderen helpt bij het maken van de video collages. Ook hebben we een speciale 3D interface ontwikkeld, waarmee de kinderen op een natuurlijke manier langs de verschillende functionaliteiten en concepten van Senna worden geleid. Zo kunnen zelfs hele jonge kinderen zelfstandig aan de slag met Senna.”

Een ander fijn project waarin hij samenwerkt met iedereen die dat wil is Wikivideo:

In dit project produceer ik mijn composities in samenwerking met het publiek. Dat is niet alleen leuk, maar ook noodzakelijk: Het is te gek voor een video sample artiest dat er op internet tegenwoordig een oneindige hoeveelheid video’s te vinden is, maar de hoeveelheid video’s op internet is zo groot en het aanbod is zo veranderlijk, dat het niet reëel is om van een enkel individu (amateur of professional) te verwachten dat hij/zij zelfstandig een overzicht kan creëren over al deze fragmenten en de verbanden tussen deze fragmenten. Om inhoudelijk relevant werk te kunnen produceren wordt ik gedwongen om een groot deel van mijn werk te besteden aan het researchen van materiaal en inleven in verschillende onderwerpen. Dat is niet mijn ambitie. Bovendien vind ik dat er al teveel niet relevante meningen van niet ter zake kundige mensen te zien en te horen zijn op T.V. en internet. Ik stel mij liever op als moderator, katalysator, inspirator of zelfs initiator van een groepsproces waarin video collages worden gemaakt met op video vastgelegde feiten en niet met (meestal irrelevante) meningen.
de WikiVideo website (2011)

In het WikiVideo project staat de website http://www.wikivideo.info centraal. M.b.v. deze website kan iedereen fragmenten van YouTube video’s toevoegen aan de WikiVideo database. Op de WikiVideo website kan iedereen zelf een YouTube video downloaden, een stukje van maximaal 30 seconden uit de video knippen, toevoegen aan een WikiVideo onderwerp en signeren. De WikiVideo onderwerpen worden bepaald door de WikiVideo Facebook group. Op de Facebook pagina van deze group kan iedereen onderwerpen op de wall posten. De onderwerpen met de meeste likes worden oficiële WikiVideo onderwerpen. Op http://www.wikivideo.info kan iedereen 24 uur per dag mijn werkproces volgen via een live video stream van een camera die op mijn werkplek gericht staat. Via deze stream is ook direct zichtbaar hoe de video samples via de site mijn studio binnenkomen. Ik publiceer voortdurend de WikiVideo’s die ik over de onderwerpen heb gemaakt. Deze zijn nooit af, maar blijven zich ontwikkelen zolang het onderwerp actueel blijft en er nieuwe video fragementen worden toegevoegd aan de WikiVideo database. Op de WikiVideo site kan iedereen de video samples ook los van mijn composities bekijken en zo gebruik maken van deze verzamelplek voor interessante video fragmenten over interessante onderwerpen.

Voor de publicatie van deze WikiVideo’s hebben we een speciale video speler ontwikkeld: de HyperVideo player. Een HyperVideo is een video waarin je op alle verschillende elementen van de video collage kunt klikken. Door te klikken op deze elementen (in dit geval de video samples en de graphics) wordt de gebruiker doorverwezen naar andere plekken op het internet. Als de gebruiker op een video sample klikt wordt automatisch de orginele YouTube video geopend waar deze sample uit is geknipt. Graphics kunnen in een WikiVideo naar allerlei verschillende dingen verwijzen (linken), bijvoorbeeld texten in Wikipedia, andere WikiVideo’s, Playlists, websites etc. Voor texten wordt dit principe op internet al heel lang gebruikt (dit noemt men hyper text), zoals in Wikipedia waar de blauwe woorden verwijzen naar andere artikelen in Wikipedia. Voor video is dit een nieuw gegeven.

http://www.eboman.info/wiki/index_nl.php
http://www.wikivideo.info/
http://www.eboman.info/
Remix Culture